www.goodreads.com/book/show/43680603
De Stichting Menno ter Braak heeft een heruitgave van dit boek, met een inleiding van Bas Heijne, mogelijk gemaakt. Mooi dat particulier initiatief dit soort nuttige initiatieven neemt!
Volgens Ter Braak (1902 – 1940) lokt de belofte van gelijkheid onvrede en daaruit voortvloeiend afgunst (in zijn termen “rancune”) op. Want gelijkheid tussen mensen bestaat niet, mensen verschillen van elkaar, hebben verschillende gaven en zullen, afhankelijk van de tijd en contaxt waarin ze leven, dus ook in verschillende mate succes hebben. En die verschillen roepen afgunst op van de minder bedeelden. Van belang is hierbij in gedachten te houden dat “minder bedeelden” niet alleen de economisch minder bedeelden hoeven te zijn. Mensen kunnen zich op allerlei manieren tekortgedaan voelen, ook personen van adel of schatrijken. Rancune is dus, volgens Ter Braak, onvermijdelijk verbonden aan de democratie. De oplossing zou dan kunnen zijn de verwerping van de democratie en dat gebeurde in de tijd van Ter Braak dan ook in meerdere landen. Ter Braak volgt die logica echter niet, de (belofte van de) democratie is volgens hem weliswaar de bron van de rancune, het mechanisme van de democratie is echter ook de enige manier om die rancune beheersbaar te maken.
De rancune is oneindig, in die zin dat het verschil tussen mensen oneindig is. Pas als alle verschillen opgeheven zouden kunnen worden, dan pas is de brandstof voor de rancune op.
De rancuneuzen zelf hebben weinig op met de democratie. Zij zijn immers onvermijdelijk altijd minderheden, zij het soms grotere minderheden. In een democratische bestel zal dus nooit in voldoende mate tegemoet gekomen worden aan de wensen van de rancuneuzen: hiervoor zijn meerderheden nodig, en bovendien is het inlossen van een of enkele wensen onvoldoende om de rancune weg te nemen. Het aantal concessies van meerderheden, als ze die al zouden willen doen. zou oneindig moeten zijn om de rancune tevreden te kunnen stellen.
De “sterke man” moet dit probleem oplossen. In de tijd van Ter Braak waren dit Mussolini, Franco, Hitler, Stalin, om enkele voorbeelden te noemen. “Sterke mannen” die de rancune uitbuiten ontwikkelen volgens Ter Braak bijna onvermijdelijk autoritair gedrag. Zij pretenderen namelijk namens de rancuneuzen te spreken, maar als zij aan de macht komen (al dan niet subversief) zullen ook zij tekortschieten bij het vervullen van de wensen die zij zelf mede los hebben gemaakt. Dit is echter logisch onmogelijk (zij zijn immers de representatie van de rancuneuzen), dus moeten hun keuzes de enig juiste zijn. Iedereen die het daarmee oneens is keert zich daarmee dus tegen de leider, met veelal onderdrukking tot gevolg.
Hiermee is geen volledige weergave van het geschrift gegeven, maar het roept bij mij wel de volgende vragen op:
Is rancune wel het gevolg van de belofte van de democratie of een dieper gelegen, menselijk fenomeen (tekort, zo u wilt), waaruit competitie voortvloeit, die de mensheid veel gebracht heeft, maar ook oneindig en onnodig veel leed. Is de democratie niet juist ontstaan als het middel om die competie zo te kanaliseren dat ze niet voortdurend ontaard in onderdrukking en gewapend conflict? Het antwoord op deze vraag is relevant omdat dit iets zal zeggen over hoe de rancune tegemoet kan worden getreden.
Ook interessant is de vraag waarom in democratieen de rancune niet voortdurend een grote rol speelt. Na de 2e Wereldoorlog is dit fenomeen veel minder prominent geweest. Voor de 2e Wereldoorlog en mogelijk ook nu speelt het weer een veel grotere rol. Misschien zijn de oorzaken te zoeken in economische recessies en/of onzekerheden, dus veel meer in de context van de democratie. Wat ook een rol kan spelen is dat het “collectieve geheugen” voor de gevolgen van de rancune: autoritaire regimes en oorlog sterk generatie-gebonden is. Nu de generatie van de 2e Wereldoorlog is overleden is de actuele democratie niet (meer) in staat het hernieuwd ontwaken van de rancune het hoofd te bieden.
De vraag is dan: wanneer slaat de inclusieve, conflicetbeheersende democratie om in de rancuneuze democratie, die uit kan monden in een autoritaire wereld.